Financiële problemen
Problematiek

Financiële problemen

Onze cliënten hebben behalve psychische problematiek vaak ook problemen op andere gebieden, zoals bijvoorbeeld op financieel gebied. Vaak zien wij dat ze moeite hebben met het beheren van geldzaken, geen zorgverzekering hebben of betalingsachterstanden. Ook een uitkering die niet goed geregeld is komt vaak voor, evenals openstaande boetes of een huurschuld. Fivoor helpt mensen met schulden die bij ons in behandeling zijn.

Geldzorgen

Iedereen heeft wel eens een rekening die langer blijft liggen. Of een hoge creditcard-afrekening die niet direct betaald kan worden omdat de financiële middelen ontbreken. Het tijdelijk aanpassen van de uitgaven of het overboeken van wat spaargeld kan in zo’n geval de oplossing zijn. Maar wat als de onbetaalde rekeningen zich opstapelen?

Typen schulden

Soms lijkt het dan een goede oplossing om een extra krediet af te sluiten, maar dit kan de problemen ook vergroten. Officieel heeft een huishouden financiële problemen als het niet aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen. Maar ook als iemand de situatie voor zijn gevoel niet meer zelf kunt oplossen is er sprake van een financieel probleem.

Er zijn verschillende typen schulden:

  • Overlevingsschulden: er zijn te weinig inkomsten in verhouding tot de vaste lasten.
  • Overbestedingsschulden: er is voldoende inkomen, maar er wordt naar verhouding te veel uitgegeven.
  • Aanpassingsschulden: een verandering in het leven (bijvoorbeeld een scheiding of gezinsuitbreiding) kan leiden tot een daling in inkomen, zodat vaste lasten en uitgaven niet meer betaald kunnen worden.
  • Compensatieschulden: overbesteding, als gevolg van compensatiegedrag.

Welke soorten schulden zijn er?

Als iemand met zijn of haar schulden aan de slag wil gaan is het belangrijk dat er een overzicht is van de betalingsachterstanden en schulden. Onderstaand overzicht kan helpen om de schulden in kaart te brengen:

De meest voorkomende schulden op een rij:

  • Leningen bij banken of financiers: voorbeelden hiervan zijn een persoonlijke lening, een doorlopend krediet of een autofinanciering. Ook het krediet op een klantenkaart of creditcard is een lening. Een uitgestelde betaling (koop nu, betaal later) wordt een lening met hoge rente als niet vóór de gestelde termijn betaald wordt.
  • Postorderbedrijven: bij postorderbedrijven kan in termijnen betaald worden. Over deze termijnen moet vaak een hoge rente betaald worden.
    Rood staan: als iemand te veel rood staat, kunnen automatische incasso’s misschien niet worden uitgevoerd. De bank mag onder voorwaarden tegoeden van andere rekeningen of spaarrekeningen bij dezelfde bank gebruiken om de roodstand in te lopen.
  • Boetes en fraudeschulden: openstaande boetes en fraudeschulden (bijvoorbeeld bij de sociale dienst) zijn ook schulden. Fraudeschulden kunnen erg oplopen omdat in veel gevallen het brutobedrag van de uitkering terugbetaald moet worden.
  • Belastingschulden, gemeentelijke heffingen: belastingschulden zijn onder te verdelen in rijksbelastingen (de Belastingdienst) en gemeentelijke belastingen. Als de Belastingdienst tegelijk met andere schuldeisers beslag legt op een inkomen, krijgt zij voorrang. Voor huishoudens met een laag inkomen is het in veel gemeenten mogelijk kwijtschelding van de gemeentelijke heffingen te krijgen. Ook kunnen de heffingen vaak in termijnen worden betaald.
  • Achterstanden: dit zijn achterstanden in de lopende vaste lasten, zoals huur, energie, water, telefoon of verzekeringen. Deze schuldeisers hebben extra dwangmiddelen om iemand te laten betalen. De verhuurder kan overgaan tot een huisuitzetting en het energie- en waterbedrijf kunnen de levering stopzetten. Het is belangrijk om deze betalingen prioriteit te geven.
  • Hypotheek: in een schuldregeling wordt alleen de achterstand in de betaling van de hypotheekrente en aflossing meegenomen. De lopende aflossingen gelden immers als vaste lasten. Soms is het mogelijk om de maandlasten (tijdelijk) te verlagen (zie ook: Andere mogelijkheden).
    Studieschulden: een studieschuld moet in vijftien jaar worden afgelost. Daarna wordt het restant kwijtgescholden. Dat geldt niet voor achterstallige betalingen
  • Schulden bij familie en kennissen: vanwege de persoonlijke relatie moeten misschien juist deze schulden tijdig worden betaald. Maar het kan ook juist zo zijn dat familie bereid is te helpen en de schuld (deels) kwijtscheldt of de betaling een poosje opschort. Leent iemand een groot bedrag van een familielid of kennis, dan is het raadzaam om van tevoren duidelijke afspraken te maken over de terugbetaling en deze vast te leggen op papier.

Welke soorten schulden zijn er?

Als iemand met zijn of haar schulden aan de slag wil gaan is het belangrijk dat er een overzicht wordt gemaakt van de betalingsachterstanden en schulden. Onderstaande overzicht kan helpen om schulden in kaart te brengen:

De meest voorkomende schulden op een rij:

  • Leningen bij banken of financiers: voorbeelden hiervan zijn een persoonlijke lening, een doorlopend krediet of een autofinanciering.
  • Postorderbedrijven: bij postorderbedrijven kan in termijnen betaald worden. Over deze termijnen moet vaak een hoge rente betaald worden.
  • Rood staan: als iemand te veel rood staat, kunnen automatische incasso’s misschien niet worden uitgevoerd. De bank mag onder voorwaarden tegoeden van andere rekeningen of spaarrekeningen bij dezelfde bank gebruiken om de roodstand in te lopen.
  • Boetes en fraudeschulden: openstaande boetes en fraudeschulden (bijvoorbeeld bij de sociale dienst) zijn ook schulden.
  • Belastingschulden, gemeentelijke heffingen: belastingschulden zijn onder te verdelen in rijksbelastingen (de Belastingdienst) en gemeentelijke belastingen. Als de Belastingdienst tegelijk met andere schuldeisers beslag legt op een inkomen, krijgt zij voorrang.
  • Achterstanden: dit zijn achterstanden in de lopende vaste lasten, zoals huur, energie, water, telefoon of verzekeringen.
  • Hypotheek: in een schuldregeling wordt alleen de achterstand in de betaling van de hypotheekrente en aflossing meegenomen. De lopende aflossingen gelden immers als vaste lasten.
  • Studieschulden: een studieschuld moet in vijftien jaar worden afgelost. Daarna wordt het restant kwijtgescholden. Dat geldt niet voor achterstallige betalingen
  • Schulden bij familie en kennissen: vanwege de persoonlijke relatie moeten misschien juist deze schulden tijdig worden betaald. Maar het kan ook juist zo zijn dat familie bereid is te helpen en de schuld (deels) kwijtscheldt of de betaling een poosje opschort.

Uitkeringen

Om geldzaken op orde te krijgen is het belangrijk te weten waar de inkomsten uit bestaan. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat iemand in aanmerking komt voor een uitkering. De MJD van Fivoor kan hierbij ondersteunen.

Bijstandsuitkering

Bijstand is er voor mensen die niet genoeg inkomen hebben om in hun levensonderhoud te voorzien en niet in aanmerking komen voor een andere uitkering. De gemeente zorgt voor een uitkering wanneer dit nodig is en helpt bij het vinden van geschikt werk.

Overige uitkeringen

Het kan zijn dat iemand recht heeft op een uitkering die verstrekt wordt door het UWV. Zij keren  de volgende uitkeringen uit:

  • WW (werkloosheidsheidswet)
  • Ziektewet
  • WIA (bij arbeidsongeschiktheid)
  • WAO (bij arbeidsongeschiktheid)
  • WAZ (bij arbeidsongeschiktheid van zelfstandigen)
  • Wajong (jonggehandicapten)
  • Uitkering bij zwangerschap

Boetes en detentie

Wanneer iemand zijn of haar boetes niet kan betalen en hij of zij heeft begeleiding van de MJD van Fivoor, dan kan samen met de contactpersoon worden nagegaan of de persoon in aanmerking komt voor een betalingsregeling. Hiervoor moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan.

Ontnemingsmaatregel

Wanneer de rechter van mening is dat iemand inkomsten heeft gehad uit het plegen van bijvoorbeeld fraude (een strafbaar feit), dan kunnen deze inkomsten hem of haar worden ontnomen. De rechter kan dan bijvoorbeeld naast een gevangenisstraf ook een ontnemingsmaatregel opleggen. In die maatregel wordt bepaald hoeveel iemand terug moet betalen. Er kan een vervangende hechtenis worden opgelegd als stok achter de deur om tot betalen over te gaan.

Schadevergoedingsmaatregel

Wanneer een dader van een strafbaar feit schade aan een ander heeft toegebracht, dan kan de rechter hem veroordelen tot het betalen van een schadevergoedingsmaatregel aan het slachtoffer. Het CJIB int dit bedrag en zorgt ervoor dat het op de rekening van het slachtoffer wordt gestort. Wanneer iemand gedetineerd is en boetes heeft, krijgt iemand niet automatisch uitstel van betaling van de boetes. Hiervoor moet een regeling worden aangevraagd. Alleen in uitzonderlijke gevallen wordt een regeling toegekend.

Schadefonds Geweldsmisdrijven

Het Schadefonds Geweldsmisdrijven geeft een financiële tegemoetkoming aan mensen die slachtoffer zijn geworden van een geweldsmisdrijf. De dader blijft verantwoordelijk voor het vergoeden van de schade. Het slachtoffer of zijn nabestaande kan terecht bij het Schadefonds wanneer de schade niet vergoed wordt door de dader.

De OM-afdoening

Het Openbaar Ministerie (OM) mag zelf straffen opleggen als het gaat om lichtere strafbare feiten. Dit wordt de ‘OM-afdoening’ genoemd. In dat geval wordt iemand niet veroordeeld door een rechter, maar door het OM. Het OM mag geen vrijheidsbenemende maatregelen opleggen, zoals een gevangenisstraf. Het OM kan bijvoorbeeld wel een geldboete, rijontzegging of een taakstraf tot 180 uur opleggen.