Behandeling op een FPA
Behandeling / Begeleiding

Behandeling op een FPA

Op een Forensische Psychiatrische Afdeling (FPA) worden patiënten behandeld met gedragsproblemen die een psychiatrische oorzaak hebben. Mogelijk zijn de patiënten hierdoor in aanraking gekomen met justitie. Een opname op een forensisch psychiatrische afdeling kan zowel met als zonder een strafrechtelijke maatregel plaatsvinden. Ook vrijwillige opname behoort tot de mogelijkheden. De medewerkers van een FPA helpen om de behandeling succesvol te doorlopen. Veiligheid voor de (mede)patiënt, omwonenden en medewerkers is daarbij een belangrijk aandachtspunt.

Doel van de behandeling

De behandeling binnen een FPA is erop gericht de patiënt veilig en succesvol te laten terugkeren in de maatschappij, al dan niet via reguliere psychiatrie.

Tijdens de behandeling wordt ingezet op drie punten:

  • Het verhelpen van klachten en/of de psychiatrische ziekte;
  • Het voorkomen van toekomstige criminaliteit;
  • Het ondersteunen op probleemgebieden (bijv. financiële problemen of werkloosheid) die kunnen leiden tot crimineel gedrag.

De behandeling op een FPA wordt in principe beëindigd wanneer de strafrechtelijke en/of civielrechtelijke maatregel afloopt of wanneer de patiënt doorstroomt naar de reguliere zorg.

Doelgroep FPA

Onze doelgroep bestaat uit patiënten met een psychiatrische stoornis, al dan niet in combinatie met persoonlijkheids- en/of verslavingsproblemen, bij wie een oorzakelijk verband bestaat tussen de psychiatrische stoornis en het delictgedrag. Aan opname is een aantal voorwaarden verbonden: de patiënt is 18 jaar of ouder en heeft een IQ boven de 70. Verder is het belangrijk dat de patiënt de Nederlandse taal voldoende beheerst en gemotiveerd is om aan zichzelf te werken.

Afdelingen FPA

De behandeling op een forensisch psychiatrische kliniek  is relatief kort en duurt meestal niet langer  dan 12 maanden. Binnen een FPA zijn de zorgprogramma’s hierop aangepast. Er zijn zorgprogramma’s voor patiënten met psychotische problemen, agressieproblemen en/of verslavingsproblemen. Daarnaast kan er individuele therapie worden geboden.

Binnen onze FPA worden drie verschillende afdelingen onderscheiden.

  1. Stabilisatie-afdeling:

Binnen deze afdeling wordt ingezet op het stabiliseren van de patiënt. Onderdelen van de behandeling zijn: het voorschrijven van de juiste medicatie, het afbouwen van middelengebruik (en de controle daarop) en een gestructureerd en voorspelbaar programma met dagbestedingsactiviteiten en laagdrempelige therapie.

  1. Behandelafdeling:

De focus op deze afdeling ligt, naast het behandelen van de psychiatrische stoornis, op eventueel aanwezige persoonlijkheids- en/of verslavingsproblematiek en het vergroten van het ziektebesef. De behandeling wordt groepsgewijs aangeboden en bestaat uit een vast programma met dagbestedingsactiviteiten en therapie.

  1. Resocialisatieafdeling:

Op de resocialisatieafdeling worden relatief gestabiliseerde, maar in potentie delictgevaarlijke patiënten behandeld. De behandeling binnen een forensisch psychiatrische afdeling is maatwerk en voor niemand hetzelfde. Groepsgerichte therapie ondersteunt de individueel bepaalde behandeltrajecten die met toezichthouders en/of verwijzers worden afgestemd. Dagbesteding wordt ook op maat vormgegeven, dat kan ook buiten de kliniek zijn.

Behandeling op een Forensisch Psychiatrische Afdeling

In de eerste fase van behandeling is vaak een intensieve, specialistische behandeling nodig. Vervolgens richt onze behandeling zich op stabilisatie, rehabilitatie, het opstarten van continuïteit van zorg en het voorkomen van recidive. Met continuïteit van zorg als uitgangspunt levert een FPA een belangrijke bijdrage aan de vermindering van het risico op herhaling van het delict.

Medicatie, individuele gesprekken, groepsgesprekken en behandelmodules maken deel uit van het behandelplan. De behandelmodules zijn gericht op het omgaan met verslaving, psychiatrische symptomen, sociale relaties en het omgaan met impulsiviteit. Naast aandacht voor psychiatrische problemen worden ook de praktische zaken in het leven meegenomen. Waaronder hulp bij financiële problemen, aandacht voor problemen in het familieleven, de algemene verzorging en het vinden van werk. Maatschappelijk werk maakt deel uit van het behandelteam en helpt bij het op orde brengen (of houden) van de sociaalmaatschappelijke en financiële zaken. Op de pagina over het maatschappelijk werk wordt ingegaan op de werkzaamheden.

Soorten behandelingen:

  • Medicamenteuze behandeling op indicatie;
  • Agressie Hantering Therapie: groepstherapie waarbij vaardigheden worden geoefend om te leren omgaan met irritatie en boosheid;
  • Delict ketengroep: therapie gericht op het vergroten van inzicht hoe de problemen zijn ontstaan. Binnen deze therapie wordt een holistische theorie opgesteld waarbij schematisch wordt weergegeven welke factoren hebben bijgedragen tot het tot stand komen van het delict gedrag. Indien verslavingsproblematiek een onderdeel van de delict keten is, zal hier extra aandacht voor bestaan;
  • Individuele therapie op indicatie;
  • Liberman modules: therapie voor patiënten met psychotische problematiek, bedoelt om vaardigheden op verschillende gebieden te vergroten;
  • Psycho-educatie: uitleg over de verschillende ziektebeelden en behandeling, zowel groepsgewijs als individueel;
  • Goldsteintraining: sociale vaardigheidstraining;
  • Op indicatie kunnen er tevens andere therapievormen worden ingezet, zoals; EMDR, autismegroep, schematherapie, etc.

Dwangbehandeling en/of noodsituatie

Binnen een FPA doet men er alles aan om gevaarlijke situaties te voorkomen. Helaas gaat het soms mis en is in enkele gevallen dwangbehandeling noodzakelijk. Middelen en maatregelen mogen worden toegepast om een acute en tijdelijke noodsituatie op te lossen. Van een dergelijke situatie is sprake als de patiënt een acuut gevaar vormt voor zichzelf of voor anderen. In een FPA kunnen de volgende middelen en maatregelen worden toegepast:

  • Separatie
  • Kamerafzondering
  • Toedienen van medicatie

Contact buiten de kliniek

In de kliniek mag bezoek worden ontvangen op de daarvoor bestemde tijden. Daarnaast mag de patiënt op een forensisch psychiatrische afdeling een mobiele telefoon in het bezit hebben. De patiënt kan tevens gebruik maken van een vaste telefoon. Persoonlijke post wordt op de afdeling afgeleverd. Op een FPA zijn enkele computers met internet beschikbaar, er kan dus gebruik worden gemaakt van e-mail. De patiënt heeft 4 weken na de start van de behandeling de mogelijkheid om op verlof te gaan, mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. De verloven hebben een behandeldoel. Indien van toepassing mag een patiënt pas na toestemming van de reclassering of de Penitentiarie Inrichting van herkomst naar buiten.

Patiëntendossier

De patiëntgegevens worden in een elektronisch dossier bewaard; het patiëntendossier. Het dossier bevat bijvoorbeeld het behandelplan, de voortgang van de behandeling en de resultaten van onderzoeken. In het behandelplan worden afspraken gemaakt over de duur van de behandeling. De duur van de opname verschilt per persoon, de meeste opnames duren tenminste enkele maanden, uitlopend naar een jaar.

Vervolgbehandeling

Na behandeling op een FPA verwijzen we de patiënt voor het vervolg van de behandeling meestal naar een psychiatrische instelling of woonprogramma in de regio waar de patiënt vandaan komt.

Wat mag wel en wat mag niet op een FPA

Er zijn veel vragen over het gedrag van patiënten en medewerkers die op een FPA met elkaar omgaan. Wat mogen ze wel en wat mogen ze niet? Hieronder een korte weergave.

Relaties
Seksuele relaties van medewerkers met patiënten zijn ontoelaatbaar. In Nederland is het vastgelegd in het wetboek van strafrecht dat intimiteit en relatievorming met patiënten strafbaar is. Wanneer er vermoedens zijn van relatievorming tussen een patiënt en een medewerker wordt dit altijd serieus onderzocht. Als er daadwerkelijk sprake is van een relatie, worden de volgende stappen genomen:

  • Het arbeidscontract wordt altijd beëindigd;
  • Er wordt een melding gedaan bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Als de patiënt onder de verantwoordelijkheid valt van het Ministerie van Veiligheid en Justitie wordt er ook altijd melding gedaan bij de toezichthouder (reclassering of gevangenis);
  • Tot slot wordt er door de instelling aangifte gedaan tegen de medewerker.

Relaties tussen patiënten
Een instelling heeft geen enkele mogelijkheid relaties tussen patiënten te verbieden. Binnen de behandeling en de context van de instelling is relatievorming en de betekenis daarvan voor de patiënt een belangrijk gesprekspunt. Binnen de forensische psychiatrie behandelen wij patiënten om het risico op recidive naar beneden te brengen. Daarbij maken we onderscheid tussen risicofactoren en beschermende factoren. Een relatie kan een beschermende factor zijn, maar ook een risicofactor. Daarom is dit altijd onderwerp van gesprek in de behandeling.

Om de veiligheid in de leefgroep te vergroten, worden patiënten, wanneer zij een relatie met elkaar hebben, op gescheiden afdelingen geplaatst.

Drugs en alcohol
Het bezit en gebruik van alcohol en drugs binnen de kliniek is verboden, iedereen moet meewerken aan controles op het gebruik daarvan. Voor sommige patiënten is het zelfs onderdeel van de juridische maatregel dat zij geen alcohol of drugs gebruiken. Voor hen kunnen de gevolgen van gebruik heel groot zijn. Zo kunnen zij opnieuw in de gevangenis komen.

Wij doen er alles aan om drugs te weren uit de kliniek. Zo controleren we regelmatig op de aanwezigheid van drugs met kamercontroles en het controleren van binnengekomen tassen van patiënten. Ook de spullen van bezoekers horen bij deze controles. Ook controleren we urine en het mondslijm van patiënten op drugs. Patiënten moeten geregeld (gepland en onverwacht) testen op alcoholgebruik.